Nederlandse hulp opbouw Curaçao en St. Maarten tot najaar 2014

ZATERDAG, 11 MEI 2013

DEN HAAG — Curaçao en St. Maarten kunnen nog tot oktober 2014 hulp krijgen vanuit Nederland om hun organisatiestructuur als land op orde te krijgen. De hulp wordt geboden voor bestaande plannen van aanpak wat betreft openbaar bestuur en veiligheid. Dit blijkt uit het ‘Jaarverslag en slotwet Koninkrijksrelaties 2012’. Caribisch Netwerk schrijft over dit document.

Het Jaarverslag, met publicatiedatum 15 mei aanstaande, biedt naast een cijfermatig overzicht van uitgaven en inkomsten ook een verslag van een aantal beleidsprioriteiten. Nederland stak in totaal ruim 430 miljoen euro in Koninkrijksrelaties. Dat geld ging vooral naar het bevorderen van de autonomie van Caribische landen in het Koninkrijk. De inkomsten bedroegen ruim 110 miljoen. Uit de passage over de waarborgfunctie blijkt opnieuw de spagaat tussen Nederland en de andere Koninkrijkslanden: “Het beleid van het (Nederlandse) ministerie richt zich vooral op het voorkomen van toepassing van de waarborgfunctie in plaats van het daadwerkelijk toepassen daarvan. Hiermee is het beleid op het terrein van de rechtshandhaving wellicht meer te typeren als preventief en ondersteunend; hoe wordt voorkomen dat aan de waarborgfunctie daadwerkelijk invulling moet worden gegeven?” Parlementariërs als Ronald van Raak (SP) en André Bosman (VVD) proberen al jaren van deze verantwoordelijkheid voor Nederland af te komen, maar dat staat het Statuut niet toe.

De kosten die Nederland maakt voor een gedeelde kustwacht, Recherche Samenwerkingsteam (RST), Openbaar Ministerie en marechaussee zijn in 2012 aangewend voor het bestrijden van onder meer mensenhandel, grensoverschrijdende criminaliteit, drugsbestrijding en illegale immigratie. Ook heeft Nederland betaald voor het uitzenden van 34 rechters en officieren van justitie naar de eilanden.


Begroti
ng

Nederland laat weten vast te houden aan de eis voor Curaçao en St. Maarten om een sluitende begroting te hebben en ‘dat Curaçao geheel wordt gehouden aan de normen uit de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en St. Maarten’. “In de RMR zal de toereikendheid van de maatregelen van Curaçao nauwlettend worden gevolgd. Het financieel toezicht op Curaçao en ook St. Maarten blijft onverminderd noodzakelijk”, zo staat in het Jaarverslag. De interim-regering van Curaçao krijgt in het Jaarverslag impliciet wel een compliment voor het omgaan met de aanwijzing die het land kreeg omdat de begroting in 2012 niet sluitend was: “De vraagstukken zijn door de interim-regering op Curaçao volledig onderkend en er zijn serieuze inspanningen gedaan om het proces van herstel in te zetten.”

Rijksministerraad verrast door ontslag Curacaose kabinet-Hodge

02 APRIL 2013

DEN HAAG – De Nederlandse regering is bezorgd over het besluit van het kabinet-Hodge reeds nu al zijn ontslag in te dienen.

Rijksministerraad wil gebaar van St. Maartense premier Wescot-Williams

02 APRIL 2013

Sint Maartense politiek moet tonen zelfreinigend vermogen te hebben

DEN HAAG – Nederland verwacht een ‘gebaar’ van de Sint Maartense regering waaruit blijkt dat het openbaar bestuur en de politiek op het eiland over voldoende ‘zelfreinigend vermogen’ beschikken.

Verschil van inzicht Cft en Curaçao over belastingopbrengsten

WOENSDAG, 27 MAART 2013

WILLEMSTAD — Er is een verschil in inzicht tussen de regering van Curaçao en het College financieel toezicht (Cft) over de begroting over 2012. De grootste risico’s voor het begrotingsjaar 2012, waarvan de aangepaste tweede wijziging nog altijd niet is vastgesteld, ziet het Cft in de belasting- en niet-belastingopbrengsten.

“Curaçao gaat er nog altijd vanuit dat deze zo rond het begrote niveau zullen liggen, terwijl het Cft op basis van realisaties die tot dusver bekend zijn ervan uitgaat dat er een risico is van zo’n 35 miljoen gulden in de belastingen en een aanzienlijk risico in de andere inkomsten”, aldus het Cft in de achtste halfjaarrapportage, die deze week naar de Tweede Kamer is gegaan. Daar komt volgens het Cft nog bij dat zij met het bestuur van Curaçao van inzicht verschillen over de inzet van de BRK-middelen (Belastingregeling voor het Koninkrijk) over 2011 en 2012. “Curaçao gebruikt deze middelen (60 miljoen gulden) ter dekking, terwijl nog niet zeker is dat deze middelen ingezet mogen worden doordat er nog een Europese rechtszaak over loopt. Het Cft is van mening dat deze bate pas eventueel ingezet mag worden als duidelijk is dat de rechter een uitspraak heeft gedaan in het voordeel van Curaçao. De uitspraak van de Europese rechter wordt in het voorjaar van 2013 verwacht. Curaçao heeft naar aanleiding van deze discussie hiervoor een voorziening opgenomen in de tweede begrotingswijziging, wat mede de reden is dat nu ook Curaçao voorziet dat 2012 met een tekort wordt afgesloten.” Het Cft benadrukt dat ondanks het feit dat Curaçao in alle begrotingsstukken – met uitzondering van de aangepaste tweede begrotingswijzing – heeft opgenomen dat het jaar 2012 zonder tekort op de gewone dienst zal worden afgesloten, het Cft is blijven herhalen dat het – in navolging van 2010 en 2011– voorziet dat 2012 met een tekort zal eindigen. In de ontwerpbegroting 2013 is voor 2012 een geraamd tekort van ruim 84 miljoen gulden opgenomen.

 

CFT signaleert verkapte leningen in Curaçaose begroting

27 MAART 2013

 

Aanwijzing Rijksministerraad blijft nog van kracht voor Curaçao

27 MAART 2013

Usona: ‘Nieuw Curaçaos ziekenhuis kan nog steeds’

21 MAART 2013

WILLEMSTAD – De trekker van het project NHN, Usona, stelt dat de bouw van een nieuw ziekenhuis nog steeds doorgang kan vinden, ondanks de aanwijzing van de RMR.

Rijksministerraad buigt zich over CFT advies Curaçaose begroting 2013

20 MAART 2013

WILLEMSTAD – De RMR zal zich in april buigen over het dan beschikbare advies van het CFT over de begroting van Curaçao.

Cft heeft bedenkingen bij haalbaarheid Curaçaose begroting 2013

VRIJDAG, 28 DECEMBER 2012

WILLEMSTAD — Het College financieel toezicht (Cft) is van mening dat de ontwerpbegroting 2013, zoals die vorige week bij de Staten werd ingediend, ‘aanzienlijk is verbeterd ten opzichte van de begroting 2012 en de concept-ontwerpbegroting van 2013.’ Wel heeft het Cft enige bedenkingen bij de haalbaarheid. Dat staat in een brief met een ‘ongevraagd advies’ van het Cft, gericht aan de interim-regering en de Staten.

Het Cft vindt dat de regering een zeer realistisch beeld als uitgangspunt heeft genomen, daarmee een sluitende meerjarige begroting heeft gepresenteerd, ‘maar tegelijkertijd is duidelijk dat handhaving van alle normen naar alle waarschijnlijkheid niet haalbaar is. Daarvoor is de problematiek te groot’. Dat schrijft het Cft in de brief, gedateerd 24 december.

Daarin somt het Cft een vijftal zaken op, te beginnen met de grote risico’s die verbonden zijn aan het tijdig en volledig implementeren van de maatregelen; het feit dat niet op alle terreinen de opbrengsten en de lasten volledig zijn onderbouwd; er wordt volgens het Cft ingeteerd op reserves en de vermogenspositie van het land, ondanks de in de aanwijzing van de Rijksministerraad (RMR) genoemde bezwaren hiertegen; de tekorten uit voorgaande jaren worden onvoldoende gecompenseerd, en tot slot wordt in de begroting rekening gehouden met een omvangrijk beroep op de leencapaciteit.

Ziekenhuis

Omdat het Cft er nog niet helemaal van overtuigd is dat maatregelen die de tekorten moeten tegengaan, tijdig kunnen worden genomen, bestaat het risico dat er geen sprake is van een meerjarige sluitende begroting. Zolang dat niet het geval is, mag Curaçao volgens de aanwijzing geen verplichtingen aangaan voor nieuwe leningen. Voor de bouw van een nieuw ziekenhuis komt daar volgens het Cft nog bij dat hiervoor alleen leningen mogen worden aangegaan als er ook maatregelen worden getroffen die nodig zijn om een verantwoorde exploitatie mogelijk te maken. Het Cft vindt dit niet voldoende naar voren komen in de plannen. Daarom zou er onvoldoende reden zijn om leningen aan te gaan voor het nieuwe ziekenhuis.

De eerdere conceptbegroting van eind augustus werd in september door het Cft afgekeurd, omdat ‘die niet voldeed aan de bepalingen uit de aanwijzing van de RMR; er onvoldoende rekening werd gehouden met budgettaire risico’s op het gebied van zorg, de oudedagsvoorziening, onderwijs en de belastingramingen; en omdat de begroting niet volledig was omdat het gratis onderwijs en het sociale fonds voor de wijkontwikkeling geen onderdeel uitmaakten van de ontwerpbegroting’.

Rijksministerraad dringt aan op audit bij Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten

ZATERDAG, 08 DECEMBER 2012

DEN HAAG — De Rijksministerraad heeft er gisteren bij de gevolmachtigde ministers Sheldry Osepa van Curaçao en Mathias Voges van St. Maarten op aangedrongen om de audit bij de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten (CBCS) op korte termijn plaats te laten vinden.

Alle betrokken partijen zouden inmiddels overeenstemming hebben bereikt over de ‘Terms of Reference’ van het onderzoek, die zijn opgesteld door De Nederlandsche Bank (DNB). Dat maakte minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties na afloop van de Rijksministerraad bekend.

De Raad van Commissarissen van de CBCS besloot in april dat er een audit moest komen voor de bank, maar door onenigheid over het soort onderzoek heeft dit nog steeds niet plaatsgevonden. De Curaçaose commissarissen geven de voorkeur aan een integriteitsonderzoek, vooral naar het handelen van oud-president Emsley Tromp, terwijl de commissarissen die St. Maarten vertegenwoordigen spreken van een operational audit. Uiteindelijk besloten de ministers van Financiën José Jardim van Curaçao en Roland Tuitt van St. Maarten om de DNB als onafhankelijke derde partij in te schakelen voor advies over de Terms of Reference. De Curaçaose regering ging al akkoord met het advies, maar het was onduidelijk of ook St. Maarten instemde en wat de Terms of Reference precies voorschrijven. Dat werd ook gisteren niet helemaal duidelijk.

Minister Osepa was niet bereikbaar voor commentaar.

Vereniging Medisch Specialisten Curaçao vindt standpunt interim-premier Betrian over basisverzekering verwarrend

ZATERDAG, 01 DECEMBER 2012

WILLEMSTAD — De Vereniging Medisch Specialisten Curaçao (VMSC) heeft commentaar op hetgeen demissionair interim-premier Stanley Betrian in een brief aan de Rijksministerraad heeft geschreven over hervormingen in de gezondheidszorg. De stelling dat het wetgevingstraject snel kan worden afgerond is volgens de vereniging niet waar te maken. Ook de genoemde besparingsbedragen zijn volgens de VMSC slagen in de lucht.

De ontwerp-landsverordening basisverzekering ziektekosten is enige tijd geleden formeel door interim-minister van Gezondheid Stanley Bodok ingetrokken. Vele groeperingen in de maatschappij hebben zich kritisch over deze ontwerp-landsverordening uitgelaten, waaronder de Sociaal Economische Raad (SER), waarvan Betrian op dat moment nog voorzitter was. Volgens de VMSC is het landsontwerp onvoldragen en onevenwichtig, met te veel losse einden die in een groot aantal landsbesluiten houdende algemene maatregelen moeten worden vastgeknoopt.

Volgens de VMSC kan het wetgevingstraject niet snel worden afgerond, omdat er momenteel geen nieuwe versie van de ontwerp-landsverordening beschikbaar is. Nadat de regering een nieuw ontwerp aan de Staten heeft aangeboden, dient het reguliere adviestraject te worden afgelegd, waarvoor het tijdsverloop in grote lijnen vastligt en ook bekend is bij de regering. “Gelet op de ingrijpende en ook principiële veranderingen die in de landsverordening aan de orde komen, en de massale negatieve reactie uit alle lagen van de maatschappij bij de eerdere pogingen van de regering, zal de uitvoering van de landsverordening slechts dan succesvol kunnen zijn indien er voldoende maatschappelijk draagvlak voor wordt gevormd”, aldus de VMSC.

Volgens de vereniging schept Betrian verwarring met zijn brief aan de Rijksministerraad. Zo stelt hij dat er om de gewenste bezuinigingen te realiseren meer maatregelen moeten komen. In zijn uitleg over deze additionele maatregelen noemt hij: ‘versobering van het pakket, introductie van een eigen bijdrage en verdere hervormingen bij de zorgaanbieders’. Dit zijn net de onderwerpen die in de nog vast te stellen landsverordening basisverzekering ziektekosten aan de orde komen. “De hele notie dat de basisverzekering gegarandeerd tot besparingen in de kosten van de gezondheidszorg zou leiden, is sowieso aanzienlijk minder zeker dan de regering wil doen voorkomen”, zegt de VMSC. “Indien de regering er bewust voor kiest het beschikbare budget drastisch te verlagen, kan dat alleen maar bereikt worden door in te grijpen in de kwaliteit en het volume van de aan te bieden zorg.” De VMSC vraagt zich af of de regering inderdaad de gezondheidszorg zodanig wil inrichten, dat in de toekomst aan patiënten bepaalde levensreddende behandelingen uitsluitend op financiële gronden zullen worden onthouden, omdat ze niet in het basispakket zijn opgenomen.

Nederlandse minister Plasterk: Inspanningen Curacaose interim-regering nog onvoldoende

VRIJDAG, 23 NOVEMBER 2012

DEN HAAG — De Rijksministerraad heeft vandaag geconstateerd dat er nog altijd niet geheel wordt voldaan aan de aanwijzing om de begroting van Curaçao op orde te krijgen.

Zoals ook gisteren bleek uit een brief van minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan de Tweede Kamer, wijzen de meest recente cijfers van het College financieel toezicht op het feit dat het vermogen van Curaçao nog steeds daalt en de liquiditeitspositie zorgelijk is.

“De door de interim-regering voorlopig geprognosticeerde begrotingstekorten voor 2013 en volgende jaren staan indien bewaarheid op gespannen voet met de Rijkswet Financieel Toezicht”, aldus Plasterk in die brief. Genomen maatregelen hebben zich nog niet vertaald in een betere financiële situatie, aldus de minister.

“De financiële situatie is aan de orde geweest en de constatering is dat er nog het nodige moet gebeuren. De Rijksministerraad zal Curaçao eraan houden om dat uit te voeren”, liet het ministerie van Binnenlandse Zaken via een woordvoerder weten. Plasterk benadrukte tijdens de Rijksministerraad dat alleen Curaçao de problemen kan en moet oplossen.

De gevolmachtigde minister van Curaçao, Sheldry Osepa, was niet bereikbaar voor commentaar.

Oordeel Raad van State: Aanwijzing van Rijksministerraad aan Curacao verlengd in afgezwakte vorm

DINSDAG, 06 NOVEMBER 2012

DEN HAAG — De aanwijzing van de Rijksministerraad blijft gelden, al hoeft de Curaçaose regering aan minder eisen te voldoen bij het in balans brengen van de begroting. Dat staat in het vandaag gepubliceerde Koninklijk Besluit met daarin een herziene aanwijzing op basis van het oordeel van de Raad van State. De voormalige regering van premier Gerrit Schotte en het Nederlandse ministerie van Binnenlandse Zaken zijn daarmee beide deels in het gelijk gesteld.

De regering van Curaçao moet volgens de herziene aanwijzing nog steeds tekorten compenseren door structurele maatregelen, maar een aantal randvoorwaarden zijn geschrapt omdat ze overbodig zijn, geen wettelijke basis hebben of onvoldoende aan de orde kwamen in de Rijksministerraad van 13 juli, waarbij toenmalig premier Schotte aanwezig was. Dit was tevens één van de belangrijkste bezwaren die Douwe Boersema namens de Curaçaose regering inbracht tijdens de hoorzitting bij de Raad van State.

“Een aantal (…) onderdelen uit de aanwijzing van 13 juli 2012 vervallen (…) omdat zij niet ontleend zijn aan het advies van het College financieel toezicht en daardoor niet voldoende kenbaar waren bij de behandeling van de aanwijzing in de Rijksministerraad. Ook biedt de Rijkswet Financieel Toezicht Curaçao en St. Maarten er op enkele onderdelen geen grondslag voor”, aldus het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een verklaring.

In de herziene aanwijzing hoeft de Curaçaose regering niet elke maand een liquiditeitsoverzicht en een voortgangsrapportage te overhandigen aan het Cft en de Rijksministerraad, omdat er geen wettelijke basis voor is. De specificatie is bovendien overbodig, omdat de Rijkswet Financieel Toezicht al verplicht tot het geven van informatie aan het Cft. Ook het voorafgaand toezicht op uitgaven door de minister van Financiën komt te vervallen, onder meer omdat het in de praktijk lastig is om op die manier de begroting in balans te krijgen. Tot slot is de eis om de financiële situatie van overheids-nv’s te verbeteren geschrapt, aangezien de Rijkswet alleen betrekking heeft op het dividendbeleid en de aankoop of verkoop van een belang in overheids-nv’s.

Tekort

Aan de belangrijkste eisen moet de Curaçaose regering echter nog wel voldoen, ook als het gaat om diezelfde overheids-nv’s. Er is weliswaar geen verplichting om overheids-nv’s financieel gezond te maken, maar zolang de overheidsbedrijven geen goede basis hebben, mogen er geen dividenden gebruikt worden voor het compenseren van tekorten. Dat compenseren van tekorten blijft noodzakelijk.

De regering moet het tekort van 55 miljoen gulden over de jaren 2010 en 2011 wegwerken met een overschot in 2012 en structurele maatregelen nemen voor het wegwerken van de tekorten in de gezondheidszorg, de oudedagsvoorzieningen en het onderwijs. Het eigen vermogen, nieuwe leningen en ook de reserves van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) mogen daar niet voor gebruikt worden, mede doordat reserves snel in omvang afnemen. Het vermogen van de SVB op 31 december 2013 werd ten tijde van de zitting geschat op 55 miljoen gulden terwijl het op 10-10-‘10 nog een bedrag van 718 miljoen was, terwijl het vermogen van het land Curaçao is gekrompen van 295 miljoen gulden op 31 december 2011 naar een kleine 20 miljoen gulden aan het einde van 2012.

Ook het verbod om geld te lenen voor een nieuw ziekenhuis is overgenomen uit de oorspronkelijke aanwijzing. Er mag pas geld geleend worden als er een plan is voor een goede exploitatie. Tot slot mogen er alleen mensen worden aangenomen voor belangrijke functies als inspecteur en alleen als er een vacature is. Het bezwaar van de Curaçaose regering dat er te weinig tijd was voor verweer tegen de aanwijzing, werd door de Raad van State van de hand gewezen.

In een reactie op het Koninklijk besluit benadrukt de kersverse minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Ronald Plasterk de noodzaak van begrotingsevenwicht, zodat belangrijke voorzieningen voor de bevolking ook in de toekomst nog betaald kunnen worden. “In dat kader is het prijzenswaardig dat de interim-regering van Curaçao de omvang en de ernst van de situatie volledig onderkent en serieuze inspanningen doet om het proces tot herstel in te zetten”, aldus het ministerie in een toelichting.

Wetten bezuinigingen zorg klaar op Curacao

03 NOVEMBER 2012

WILLEMSTAD – De interim-regering van Curaçao stelt dat de introductie van het wetgevingstraject van de basisverzekering en de hervormingsmaatregelen van met betrekking tot de ziektekosten snel kan worden afgerond.

Vermogen Curaçao vrijwel nul in 2014

29 OKTOBER 2012

WILLEMSTAD – Bij ongewijzigd beleid – met aanhoudend tekort en een slinkend vermogen – bedraagt de vermogenspositie van Curaçao eind 2014 nul.

Council of State completes ‘advice’ on Curaçao appeal to budgetary instruction

TUESDAY, 23 OCTOBER 2012

THE HAGUE–The draft decree of the Council of State of the Kingdom regarding the appeal of the Curaçao Government against the budgetary instruction of the Kingdom Council of Ministers was sent to the Minister of Home Affairs and Kingdom Relations on Monday.

The Council of State of the Kingdom informed the Curaçao Council of Ministers on Monday that the draft decree (ontwerpbesluit) had been sent to Dutch caretaker Minister of Home Affairs and Kingdom Relations Liesbeth Spies.
The latter will take a final decision on the appeal, as defined in the Financial Supervision Law for Curaçao and St. Maarten. The former cabinet of Gerrit Schotte filed an appeal soon after the Kingdom Government decided on July 13 to instruct Curaçao to balance the 2012 budget and to incorporate the losses of 2010 and 2011.

The draft decree of the Council of State of the Kingdom serves as an “advice” to the so-called “Crown,” in this case the Minister, on how to decide on the appeal. The Minister can adopt the draft decree, but doesn’t have to if there are very weighty reasons to deviate from the advice of the Council of State of the Kingdom.

The role of the Council of State in this procedure has come to an end for now, with submitting the draft decree to the Minister. The Financial Supervision Law states that within two months after receiving the draft decree, the Minister can ask the Council of State to reconsider its proposal. In that case, the Council of State will again offer the government that has appealed the decision the opportunity to be heard.

The Law on Financial Supervision states that the draft decree will not be made public at this stage. The final decision of the Minister will be made public and published in the National Gazette. If the Minister deviates from the draft decree, the draft decree itself will also be published along with the argumentation concerning why the Minister didn’t adopt the Council of State’s advice.

The Council of State of the Kingdom handled the appeal filed by the Curaçao Council of Ministers against the instruction of the Kingdom Government on September 21. At that particular session, the special committee consisting of five members of the Council of State heard representatives of the Curaçao Government, the Ministry of Home Affairs and Kingdom Relations BZK and the Committee for Financial Supervision CFT.

’2012′ eindigt met fors tekort op Curaçao’

19 OKTOBER 2012

WILLEMSTAD – Het jaar 2012 zal eindigen met een aanmerkelijk tekort op de balans van Curaçao.

Nederlandse minister Spies maant tot spoed bij reorganisatie Curacaose politie

VRIJDAG, 12 OKTOBER 2012

DEN HAAG — De reorganisatie van de politie laat te lang op zich wachten. “Dit conflict duurt te lang. Ik heb er bij de minister op aangedrongen snel tot besluitvorming te komen. Hij gaf aan dat dit punt op korte termijn moet zijn opgelost.” Dat schrijft minister Liesbeth Spies van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties naar aanleiding van de laatste twee voortgangsrapportages over de Plannen van Aanpak voor taken, die Curaçao nog niet zelfstandig kon uitvoeren na de ontmanteling van de Antillen.

Spies besprak de voortgang op 20 september met de toenmalige minister van Justitie, Elmer Wilsoe. Tijdens het gesprek gaf Wilsoe aan dat de aanwijzing door de Rijksministerraad gevolgen heeft voor de uitvoering van de plannen van aanpak, maar volgens Spies hoeft dat niet zo te zijn. “De aanwijzing leidt op dit moment tot een stringenter financieel beleid in Curaçao, maar dat neemt niet weg dat de uitvoering van de plannen van aanpak ook ten tijde van de aanwijzing kan doorlopen. Dat geldt bijvoorbeeld voor niet-financiële acties, zoals het komen tot een convenant met de politievakbonden, maar ook voor de uitvoering van projecten die gefinancierd worden met middelen die nog beschikbaar zijn binnen de door Nederland beschikbaar gestelde samenwerkingsmiddelen”, aldus Spies. De minister wees er bovendien op dat de plannen van aanpak deels betrekking hebben op onderhoud en het vinden van geschikte mensen voor openstaande vacatures. “Hiervoor kunnen nog steeds verplichtingen worden aangegaan. Al met al kan geconstateerd worden dat de door de Rijksministerraad opgelegde aanwijzing geen belemmering hoeft te zijn voor de uitvoering van de plannen van aanpak.”

Vertraging

In de voortgangsrapportages over de periode van januari tot maart en van april tot juni 2012, die Spies naar de Tweede Kamer heeft gestuurd, staat dat het uitblijven van een overeenkomst tussen minister Wilsoe en de vakbonden ook gevolgen heeft op andere terreinen. “(Er) kan gemeld worden dat nog steeds onderhandelingen plaatsvinden aangaande het Rechtspositie Besluit, waardoor deelprojecten van dit Implementatieplan die van een meer duurzaam karakter zijn, zoals projecten gerelateerd aan opleidingen en cursussen, nog niet gerealiseerd kunnen worden.” Er is om diezelfde reden ook vertraging ontstaan bij het verbeteren van de IT-infrastructuur, al wordt dit wel voorbereid.

Met betrekking tot de gevangenis constateert de voortgangscommissie dat een aantal doelstellingen niet gehaald is. Twee projecten – namelijk het vervangen van kanteldeuren en het inrichten van kantoren voor afdelingshoofden – werden wel gerealiseerd, maar achttien projecten niet, waaronder de inrichting van werkplaatsen, een magazijn en het toegangsgebouw, de aanleg van een intercomsysteem en een brandmeldcentrale. Op het gebied van personeel is er nu al een tekort van 35 voltijds medewerkers en dat aantal groeit snel. “In de afgelopen periode is duidelijk geworden dat de contracten van enkele medewerkers op sleutelposities niet zullen worden verlengd. (…) Er is evenwel nog geen opvolging geregeld voor deze functies, waardoor het de verwachting is dat er in de dagelijkse bedrijfsvoering grote problemen zullen ontstaan welke, naast de dagelijkse aansturing van de organisatie, ook de uitvoering van het Geïntensiveerde Plan van Aanpak zullen gaan raken.”

Spies had Wilsoe aangeboden om te helpen bij het werven van personeel voor de gevangenis, aangezien de ex-minister van Justitie zich vooral richtte op het aantrekken van voormalig personeel van de Kustwacht en werknemers uit Nederlandse gevangenissen.

Rijksministerraad gunt Curacaose interim-premier Betrian tijd voor begroting

VRIJDAG, 12 OKTOBER 2012

DEN HAAG — De Rijksministerraad houdt onverminderd vast aan de aanwijzing, die de Curaçaose regering verplicht om de begroting in balans te brengen, maar geeft het interim-kabinet van Stanley Betrian tot na de verkiezingen de tijd om te werken aan de maatregelen. Dat werd vandaag besloten tijdens de laatste Rijksministerraad waarbij Curaçao vertegenwoordigd werd door de gevolmachtigde minister Sheldry Osepa.

“De Rijksministerraad heeft geconstateerd dat de regering-Betrian in nauw overleg met het College financieel toezicht hard werkt aan een pakket maatregelen, inclusief een meerjarenperspectief, en dat daar nog tijd voor nodig is”, laat minister Liesbeth Spies van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties via een woordvoerder weten. “Dat pakket van maatregelen en ook de uitkomsten van de nationale dialoog worden over twee weken tijdens de Rijksministerraad besproken.”

Gevolmachtigde minister Osepa wil zelf geen vragen beantwoorden over de Rijksministerraad en verwijst voor informatie naar Betrian. Osepa reist vermoedelijk nog dit weekeinde terug naar Curaçao.

Uitstel voor Curacao van rapportage en advies CFT

29 SEPTEMBER 2012

DEN HAAG – De Rijksministerrraad heeft gisteren opnieuw geen standpunt ingenomen over het feit dat de Curaçaose regering geen opvolging heeft gegeven aan aan de op 13 juli verstrekte aanwijzing om voor 1 september een sluitende begroting te presenteren.

Ontwerpbesluit Raad van State over aanwijzing Curaçao naar de Kroon

MAANDAG, 24 SEPTEMBER 2012

DEN HAAG — De Raad van State stuurt haar beslissing over de aanwijzing niet naar de twee betrokken partijen, dus de regering van Curaçao en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, maar naar de Kroon. Dat laat een woordvoerder van de Raad van State weten in reactie op de berichtgeving van de Amigoe over het beroep tegen de aanwijzing.

Afgelopen vrijdag meldde de krant dat het ontwerpbesluit naar de betrokken partijen wordt gezonden. Het is echter zo dat de partijen alleen worden ingelicht wanneer het ontwerpbesluit klaar is, dat alleen wordt gestuurd naar de Kroon, ofwel de regering en het staatshoofd. De Kroon zal uiteindelijk in een Koninklijk besluit een beslissing nemen over het beroep.

Rijksministerraad waarschuwt voor faillissement van Curaçao

VRIJDAG, 21 SEPTEMBER 2012

DEN HAAG — De vrees van de Rijksministerraad en het College financieel toezicht (Cft) dat Curaçao afstevent op een faillissement, stond vandaag lijnrecht tegenover het pleidooi van de Curaçaose regering dat er hard gewerkt wordt aan het op orde krijgen van de financiën.

De aanwijzing door de Rijksministerraad is voorbarig en bovendien niet volgens de juiste procedure tot stand gekomen, betoogt mr. Douwe Boersma namens de regering van Curaçao tijdens een hoorzitting door vijf Staatsraden, zoals de leden van de Raad van State worden genoemd.

Als argument dat het noodzakelijk was om op 13 juli een aanwijzing te geven, schetst mr. Eric Daalder namens de Rijksministerraad een zeer donkere toekomst voor Curaçao. “Terwijl de situatie ten tijde van de aanwijzing al slecht was, is die situatie op basis van de huidige gegevens alleen maar verslechterd.” Volgens de meeste recente schattingen zal het huidige tekort op de begroting voor 2012 groeien naar 300 miljoen gulden in 2013 en maar liefst 420 miljoen in 2014 en 2015. Het eigen vermogen van Curaçao, dus bezittingen zoals gebouwen, mag volgens Daalder niet gebruikt worden om die tekorten te dekken, maar het is bovendien ook niet toereikend omdat de waarde hiervan niet reëel is. Het is in de boekhouding van de overheid geschat op 500 miljoen euro, maar is zo’n 315 miljoen minder waard als rekening wordt gehouden met achterstallig onderhoud, zegt hij. “Eind volgend jaar is het eigen vermogen uitgeput. Curaçao stevent af op een faillissement tegen het eind van 2013 als er geen maatregelen genomen worden”, aldus Daalder.

Urgentie

Boersma brengt daar met hulp van de secretaris-generaal van Algemene Zaken Stella van Rijn tegenin dat de Curaçaose regering zijn uiterste best doet om de begroting in evenwicht te krijgen en daarmee te voldoen aan de aanwijzing. Op verzoek van de Curaçaose Staatsraad Robert Vornis noemt Van Rijn als voorbeelden de herstructurering van de gezondheidszorg en de beslissing om de AOV-leeftijd te verhogen van 60 naar 65 jaar, waarbij alleen een uitzondering wordt gemaakt voor werknemers van 58 en 59 jaar. “Dat is een verregaande maatregel, maar we onderschrijven de urgentie omdat de AOV-fondsen uitgeput zijn. De regering is bereid en in staat om stappen te nemen en dat bleek ook tijdens onze eigen Prinsjesdag. Maar u begrijpt dat dergelijke maatregelen niet binnen een dag kunnen worden geïmplementeerd.”

Kees van Nieuwamerongen van het Cft zegt vervolgens desgevraagd dat het Cft wel rekening houdt met de complexiteit van dergelijke maatregelen, maar dat de regering die maatregelen aan het begin van het jaar had moeten nemen. “We hopen dat het nu wel op korte termijn zal gebeuren.”

Staatsraad Hans Borstlap wil daarna weten of de aanwijzing dan toch gezien kan worden als een extra stimulans om bezuinigingsmaatregelen door te voeren, een omschrijving voor de maatregelen die premier Mark Rutte al eerder gebruikte. Van Rijn herhaalt dat bij alle besluitvorming de juiste procedures gevolgd moeten worden, zoals besluiten voorleggen aan de Raad van Advies, de Sociaal Economische Raad (SER), het Georganiseerd Ambtenaren Overleg en uiteindelijk de Staten. “We kunnen wel aangeven dat een advies met spoed moet worden gegeven, maar we kunnen ze niet dwingen”, zegt ze. “Het politiek antwoord is dat alles dat door Nederland opgelegd wordt als weerzinwekkend wordt ervaren, dus dat zegt niets over een eventuele bespoediging”, voegt ze daaraan toe.

Jaap Polak, voorzitter van de commissie van vijf Staatsraden, omschrijft het geschil tussen de Curaçaose regering en de Rijksministerraad na afloop als een ernstige problematiek. “De Raad van State zal komen tot een ontwerpbesluit dat naar de partijen wordt verzonden, maar niet openbaar is. Ik kan niet zeggen wanneer, maar de situatie vraagt er wel om dat we het zo snel mogelijk proberen te doen.”

Curaçaose begroting komende jaren in de min

17 SEPTEMBER 2012

WILLEMSTAD – Recente cijfers van het ministerie van Financiën van Curaçao tonen aan dat de komende jaren van 2012 to 2015 negatieve saldi vertonen. Vanaf 2013 gaat het elk jaar om een tekort van circa 187 miljoen gulden.

Rijksministerraad stemt in met CFT: Curaçao heeft twee weken om begrotingsadviezen op te volgen

15 SEPTEMBER 2012

WILLEMSTAD – De RMR heeft de Curaçaose regering verder de duimschroeven aangedraaid met de opdracht binnen twee weken opvolging te geven aan de adviezen van het College Financieel Toezicht.

Raad van State behandelt Curaçaos bezwaar tegen aanwijzing

WOENSDAG, 12 SEPTEMBER 2012

DEN HAAG — De Raad van State in Den Haag behandelt op vrijdag 21 september het bezwaar van de Curaçaose regering tegen de aanwijzing door de Rijksministerraad. Zowel de regering van Curaçao als de Rijksministerraad is uitgenodigd om respectievelijk hun bezwaar tegen en een pleidooi voor de aanwijzing toe te lichten tijdens een openbare hoorzitting.

De Raad van State heeft tevens een bijzondere commissie benoemd om het besluit van de Raad van State voor te bereiden. In de commissie zitten de Curaçaoënaar Robert Vornis, Jaap Polak, Jan Kees Wiebenga, Hans Borstlap en Kees Schuyt.

De Rijksministerraad gaf de aanwijzing op vrijdag 13 juli omdat de begroting voor 2012 niet voldeed aan de eisen in de Rijkswet Financieel Toezicht en aanbevelingen van het College financieel toezicht (Cft). De Curaçaose regering is van mening dat de Rijksministerraad zich te veel bevoegdheden heeft toegeëigend, dat de aanbevelingen van het Cft al werden opgevolgd en dat de aanwijzing bovendien schade veroorzaakt omdat de eisen het dagelijks bestuur onmogelijk maken.

Het verzoek van de regering om de aanwijzing op te schorten werd echter vorige maand afgewezen. De Raad van State oordeelde dat verder uitstel mogelijk tot onherstelbare schade zou zorgen. Curaçao mocht daarom tekorten niet compenseren met het eigen vermogen, maar moest op 1 september met een besluit over concrete maatregelen de begroting in balans brengen. De Raad van State verklaarde verder te weinig informatie te hebben over de schade die volgens de Curaçaose regering veroorzaakt wordt door de vacaturestop en een verbod op nieuwe verplichtingen. Ook op dat punt werd de aanwijzing daarom niet uitgesteld of gewijzigd.

De aanwijzing komt ook aanstaande vrijdag aan de orde bij de Rijksministerraad. Tijdens de vergadering zal de Rijksministerraad aan de hand van de bevindingen van het Cft beoordelen of de Curaçaose regering op 1 september een evenwichtige begroting had en daarmee voldeed aan de gestelde eisen. Minister Liesbeth Spies van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wilde eerder deze week niet vooruitlopen op de vergadering.

Cft: Financiële situatie Curaçao nog erger dan gedacht

VRIJDAG, 24 AUGUSTUS 2012

WILLEMSTAD — Het College financieel toezicht (Cft) maakt zich ernstige zorgen over de voortgang op belangrijke onderdelen van de aanwijzing, die door de Rijksministerraad aan Curaçao is gegeven op 13 juli. Er is vooralsnog geen sprake van een versterking van de regie op de voorgenomen maatregelen. Tegelijkertijd voorziet het Cft een verslechtering van het budgettaire beleid over 2012 en verder.

Het Cft heeft grote twijfels bij de door Curaçao in de tweede uitvoeringsrapportage gepresenteerde dekkingsmaatregelen en voorziet daarnaast een grotere budgettaire problematiek dan Curaçao in de rapportage presenteert, aldus het Cft in een brief van 22 augustus aan de voorzitter van de Rijksministerraad, Mark Rutte.

Het Cft heeft op 21 augustus een uitvoeringsrapportage ontvangen over de eerste twee kwartalen van dit jaar. Maar de tweede begrotingswijziging, waarin de regering een voorstel moet doen ten aanzien van onderdelen van de aanwijzing die per 1 september afgerond moeten zijn, is nog niet ontvangen. Het betreft maatregelen om tekorten uit 2010 en 2011 te dekken en het dekken van besparingsverliezen vanwege het niet op tijd invoeren van zorgmaatregelen en dividendbeleid in 2012. Een plan van aanpak om de vermogens van overheids-nv’s op middellange termijn financieel gezond te maken, dat conform de aanwijzing per 1 september afgerond dient te zijn, heeft het Cft nog niet ontvangen.

Daarnaast is de voorgenomen heffing van een belasting op benzine zonder wettelijke grondslag en niet verwerkt in de begroting. Ook hier geldt dat de regering, ondanks verzoeken van het Cft, geen informatie heeft gegeven over dit voornemen en financiering ervan.

Het Cft heeft per brief van 25 juli om informatie verzocht over gratis onderwijs en benzineheffing en op 6 augustus een rappelbrief gestuurd, maar de regering weigert informatie te verstrekken.

Ten aanzien van de invoering van zorgmaatregelen, het dividendbeleid en de hervorming in de oudedagsvoorzieningen vraagt het Cft zich af of deze daadwerkelijk ingevoerd kunnen worden per 1 januari 2013 en of de geraamde opbrengsten ervan daadwerkelijk gerealiseerd kunnen worden. “De vertraging die het Cft voorzag in de implementatie van deze maatregelen, zoals ook in eerdere brieven van het Cft is aangegeven, is inderdaad opgetreden. Uit de uitvoeringsrapportage blijkt, zover nu te zien, onvoldoende versterking van de regie op deze punten.”

Uit de uitvoeringsrapportage blijkt dat het eerder geschatte tekort over 2011 niet 156 maar 180 miljoen is. “Dit betekent dat het te compenseren bedrag uit hoofde van tekorten op de gewone dienst over 2010 en 2011, na inzetten van het restant van de eenmalige ontvangst aan middelen voortkomend uit de Belastingregeling voor het Koninkrijk, in totaal uitkomt op 122 miljoen. De dekkingsopgave is daarmee ruim 20 miljoen hoger dan de in de aanwijzing genoemde 98 miljoen.”

Het uitvoeringsbesluit laat verder zien dat in 2012 een tekort van ruim 50 miljoen ontstaat. In 2013 zal dit tekort oplopen naar ongeveer 198 miljoen structureel. De maatregelen genoemd in de uitvoeringsrapportage zullen het tekort in 2012 wegwerken, maar zijn niet voldoende voor 2013. Volgend jaar zal er met de voorgestelde maatregelen een structureel tekort van ongeveer 70 miljoen overblijven. Hierbij is nog geen rekening gehouden met de noodzaak om vanaf dan optredende tekorten in het aov-fonds aan te vullen, aldus het Cft.

Zorgen zijn er ook over de invoering van de basisverzekering, het dividendbeleid en het aov-fonds. Het ziet ernaar uit dat naast het gepresenteerde tekort zich nog additionele budgettaire problematiek voordoet als gevolg van tekorten in de gezondheidszorg, aldus het Cft. Over het dividendbeleid ontvangt het Cft tegenstrijdige informatie. Ook is het onduidelijk voor het Cft wat voor aanvullende maatregelen de regering zal nemen om de meerjarige problematiek van het aov-fonds op te lossen. Het uiteindelijk tekort in het aov-fonds over 2011 is 100 miljoen meer dan in eerste instantie berekend.

Belasting

De belastinginkomsten blijven ook achter op de ramingen. In 2011 vielen de belastingontvangsten 80 miljoen tegen ten opzichte van de begroting. In de eerste zes maanden van dit jaar lopen deze inkomsten weer achter en de verwachte tegenvaller zal om en nabij de 18 miljoen zijn.

Gratis onderwijs

Over gratis onderwijs stelt het Cft dat uit de uitvoeringsrapportage blijkt dat de concrete plannen om gratis onderwijs te financieren niet rond zijn. Maar uit de media heeft het Cft vernomen dat de regering van plan is om een dividendvoorschot op te nemen van Refineria di Kòrsou. Het opnemen van een dividendvoorschot als daar een dividendbeleid of dividendbesluit aan ten gro

Rijkministerraad houdt ‘bezorgd maar stellig’ vast aan eisen Curaçao

VRIJDAG, 24 AUGUSTUS 2012

DEN HAAG — De Rijksministerraad houdt enigszins bezorgd maar wel stellig vast aan 1 september als de uiterste datum waarop Curaçao met goedgekeurde, concrete maatregelen de begroting voor 2012 in evenwicht brengt. Ook de problemen bij de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten moeten worden opgelost. Minister Liesbeth Spies van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verklaarde dit vandaag na afloop van de Rijksministerraad.

De vergadering was bedoeld om inzicht te krijgen in de naleving van de aanwijzing waartoe de Rijksministerraad op 13 juli besloot, zowel op basis van informatie van gevolmachtigde minister Sheldry Osepa als schriftelijke informatie van het College financieel toezicht (Cft). “Curaçao heeft in ieder geval het voorafgaande toezicht (op uitgaven) door de Curaçaose minister van Financiën ingevoerd en een verplichtingen-stop afgekondigd. Dat is positief. Tegelijkertijd is geconstateerd dat we nog geen enkele concrete verbetering zien bij de structurele maatregelen die nodig zijn voor het gezond maken van de begroting. We kunnen natuurlijk niet vooruitlopen op de situatie voor 1 september, maar met de kennis van nu zijn er wel zorgen over de vraag of de regering van Curaçao dat gaat halen”, zei Spies.

Gesprekken zijn onvoldoende

Minister Osepa gaf tijdens de vergadering wel aan dat er over sommige onderwerpen nog gesprekken gaande zijn, zoals over de reorganisatie van de gezondheidszorg. Volgens de Rijksministerraad zijn gesprekken echter onvoldoende. “Het betekent niet dat er al een besluit genomen is of dat de Staten die hervormingen al hebben goedgekeurd en dat is cruciaal om zeker te weten dat maatregelen ook getroffen worden”, zei Spies. Het plan voor gratis onderwijs en andere afzonderlijke plannen, die verband houden met de begroting, kwamen niet aan de orde.

De Rijksministerraad wees Osepa verder ook op de verplichting om alle informatie te verstrekken die door het College financieel toezicht wordt gevraagd, zoals de liquiditeitsoverzichten die tot nu toe nog niet zijn overhandigd.

Datum is heilig

De datum van 1 september is heilig, bevestigde de minister, ook verwijzend naar de beslissing van de Raad van State om de aanwijzing niet te schorsen. De Rijksministerraad sluit zich aan bij de Raad van State in het oordeel dat het eigen vermogen niet gebruikt mag worden voor het dekken van tekorten, zoals Curaçao wilde. De Curaçaose regering heeft nu de opdracht gekregen om de Rijksministerraad op 1 september te informeren over de precieze stand van zaken.

Als de begroting op die datum niet aan de eisen voldoet, heeft dat niet al meteen op 2 september gevolgen, zei Spies. Dergelijke beslissingen kunnen alleen genomen worden door de Rijksministerraad en de eerstvolgende vergadering staat voor 14 september geagendeerd, twee dagen na de Tweede Kamerverkiezingen. Ook het oordeel van het Cft zal dan in de overwegingen worden meegenomen. Zoals altijd wilde de minister niet speculeren over eventuele maatregelen.

Een ander onderwerp dat door de Rijksministerraad werd besproken, was de situatie bij de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten. De minister zei dat de Rijksministerraad blij is met het akkoord tussen de regeringen van Curaçao en St. Maarten over het gezamenlijk voortzetten van de organisatie. “Maar de impasse duurt voort en kan alleen maar worden opgelost met een goedgekeurde begroting van de Centrale Bank voor 2012 en het uitoefenen van financieel toezicht op St. Maarten”, zei Spies. De Rijksministerraad wil per 1 september ook ingelicht worden over de verbeteringen op dat terrein, mogelijk naar aanleiding van de besprekingen tussen Curaçao en St. Maarten, die aanstaande maandag plaatsvinden.

De gevolmachtigde minister van Curaçao Osepa beperkte zijn reactie na afloop van de Rijksministerraad tot de mededeling dat hij het standpunt van Curaçao heeft overgebracht aan de Rijksministerraad. “Dat standpunt is dat Curaçao alle afspraken nakomt”, aldus de minister.

Raad van State wijst Curaçaos verzoek om uitstel aanwijzing af

DONDERDAG, 23 AUGUSTUS 2012

DEN HAAG — De Curaçaose regering mag de begrotingstekorten uit 2010 en 2011 voorlopig niet compenseren met het eigen vermogen, maar moet zich houden aan de aanwijzing door de Rijksministerraad, waarin concrete maatregelen worden geëist. De Raad van State wees vandaag het verzoek om uitstel op dat punt af. Een beslissing over de vacaturestop en een verbod op het aangaan van nieuwe verplichtingen nam de Raad van State nog niet, in afwachting van meer informatie.

De Curaçaose regering vroeg om de schorsing van het aanwijzingsbesluit in afwachting van een bezwaar op inhoudelijke punten, dat ook door de Raad van State beoordeeld wordt, maar meer tijd in beslag neemt. Omdat de aanwijzing onwerkbaar en schadelijk zou zijn, wilde de regering een voorlopige voorziening in de vorm van een aanpassing van de aanwijzing, zodat het eigen vermogen wel gebruikt kan worden voor de tekorten, nieuwe werknemers kunnen worden aangenomen en noodzakelijke uitgaven kunnen worden gedaan.

De Rijksministerraad vindt de aanwijzing echter rechtvaardig en noodzakelijk en de Raad van State is het daar deels mee eens. “De voorzieningeninstantie van de Raad van State van het Koninkrijk is van oordeel dat het verzoek om de begrotingstekorten over 2010 en 2011 te dekken met eigen vermogen de essentie raakt van het doel en de strekking van het aanwijzingsbesluit. Omdat schorsing van dit onderdeel van het besluit tot onomkeerbare gevolgen kan leiden, moet het worden afgewezen”, aldus de Raad van State in een persbericht. In de uitspraak anticipeert de Raad van State op de mogelijke uitspraak over het inhoudelijk bezwaar dat door de Curaçaose regering is ingediend. Het is niet aannemelijk dat enige vertraging nog kan worden ingehaald als het inhoudelijk bezwaar wordt afgewezen, maar het is wel mogelijk om inkomstenverhogende en kostenverlagende maatregelen terug te draaien als het inhoudelijk bezwaar terecht blijkt te zijn.

Vacaturestop

Over de vacaturestop en het verbod op het aangaan van nieuwe verplichtingen schrijft de Raad van State dat het onduidelijk is of die eisen uitvoerbaar zijn of voor juist voor schade zorgen, als later blijkt dat ze onterecht in de aanwijzing zijn opgenomen. Tijdens de zitting werd door mr. Douwe Boersema aangegeven dat er inmiddels nieuwe afspraken zijn gemaakt met het College financieel toezicht, maar dat ook die nieuwe afspraken voor problemen zorgen. “Hoewel er op dit punt nadere afspraken zijn gemaakt tussen Curaçao en het College financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten, is over de aard en inhoud van deze afspraken onvoldoende duidelijkheid verkregen. Curaçao krijgt de gelegenheid om nadere informatie over deze afspraken te verschaffen, waarna de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) daarop kan reageren”, aldus de Raad van State, die dan alsnog een beslissing zal nemen op dit onderdeel. De toestemming van de minister van Financiën voor alle uitgaven is echter wel op zijn plaats, ‘aangezien dit toezicht een essentiële waarborg biedt in het kader van de aanwijzing’, aldus de Raad van State.

Een ander argument dat Boersema woensdag inbracht, namelijk dat de Curaçaose regering te laat in staat zou zijn gesteld om te reageren op de aanwijzing, is van ondergeschikt belang, meldt de Raad van State tot slot. “Daarbij wordt mede in aanmerking genomen dat uit de aanbevelingen van het College financieel toezicht in een vroeg stadium viel op te maken wat te verwachten zou zijn, indien niet aan de in artikel 15 van de Rijkswet gestelde normen zou worden voldaan.”

Het oordeel van de Raad van State komt een dag voor de Rijksministerraad, waarin wordt besproken welke vorderingen er gemaakt zijn bij het naleven van de aanwijzing. Gisteren werd duidelijk dat de Rijksministerraad zich morgen onder meer zal buigen over de vraag of het eigen vermogen gebruikt mag worden als compensatie voor tekorten. Het oordeel van de Raad van State dat dit niet mag, zal zeker bij die afweging meetellen.

24 AUGUSTUS 2012

Curaçao waarschuwt Raad van State voor schade van aanwijzing

WOENSDAG, 22 AUGUSTUS 2012

DEN HAAG — Is de aanwijzing van de Rijksministerraad schadelijk en buitensporig en moet de maatregel daarom uitgesteld worden? Of is de aanwijzing juist rechtvaardig en noodzakelijk? Op zoek naar het antwoord op die vraag luisterde de Raad van State in Den Haag vandaag naar de standpunten van de Curaçaose regering enerzijds en de Rijksministerraad anderzijds. Het oordeel volgt morgenmiddag, een dag voor de vergadering van de Rijksministerraad.

De zaak draaide eigenlijk alleen om het uitstel van de aanwijzing vanwege de schade aan het dagelijks bestuur, maar de inhoudelijke bezwaren kwamen wel aan de orde. Belangrijk is een meningsverschil over de uitleg van de Rijkswet Financieel Toezicht, een onderwerp dat de Rijksministerraad ook vrijdag bespreekt op verzoek van het College financieel toezicht (Cft). “Het beroep gaat niet over de voldoening aan die Rijkswet. Curaçao beschouwt die regeling niet als aan haar opgelegd, maar ook door haar gewild”, zei Douwe Boersma, die de zaak namens Curaçao bepleitte. Maar volgens de Curaçaose regering staat er nergens in de Rijkswet Financieel Toezicht specifiek genoemd met welke middelen het tekort gedekt moet worden en het is dus toegestaan om het eigen vermogen daarvoor te gebruiken, zei hij. “De Rijkswet kent geen verbod op het aanwenden van het eigen vermogen voor een tekort”, zei Boersma.

Volgens Eric Daalder, die namens de Rijksministerraad sprak, is het gebruik van het eigen vermogen een boekhoudkundig automatisme en neemt het niet de oorzaak van de tekorten weg. “Stel dat je aan het eind van het jaar een tekort hebt van 50 miljoen gulden en een eigen vermogen van 100 miljoen gulden. Dan verwerk je dat in je jaarrekening en heb je nog een eigen vermogen van 50 miljoen gulden”, zei Daalder. “Tekorten mogen worden ondervangen, maar wel gepaard met structurele maatregelen om te voorkomen dat die tekorten ontstaan. Curaçao wil de ogen sluiten en de problematiek doorschuiven naar de toekomst”, zei hij.

Pieter van Dijk, voorzitter van het college van drie rechters van de Raad van State, concludeerde hierop dat nog niet definitief is vastgesteld hoe de Rijkswet op dit punt moet worden geïnterpreteerd, verwijzend naar het advies dat het Cft hierover heeft gevraagd aan de Rijksministerraad. “Het is nog niet onherroepelijk.”

Hiermee samenhangend informeerde Van Dijk ook naar de vereisten waaraan de Curaçaose regering op 1 september moet voldoen. Volgens Daalder hoeft er dan nog geen volledige compensatie voor het tekort te zijn. “Het gaat erom dat de beslissing genomen is over de maatregelen die noodzakelijk zijn, maar die maatregelen mogen best een meerjarig karakter hebben”, zei hij.

Volgens Boersma is ook dat echter niet mogelijk op korte termijn. “Dat valt niet op 1 september te regelen. Dan zou de suppletoire begroting op die datum al goedgekeurd moeten zijn door de Staten en dat lukt niet”, zei hij. Als het eigen vermogen gebruikt mag worden voor de dekking van het tekort, dan kan de Curaçaose regering vervolgens met het Cft de maatregelen bespreken die verder nodig zijn, zei hij en benadrukte dat de relatie tussen beide partijen goed is, in tegenstelling tot het heersende beeld.

Als argument voor het uitstel van de aanwijzing noemde Boersma ook de erkenning van het Cft dat bepaalde onderdelen schade veroorzaken. Hij doelde op een overeenkomst om soepeler om te gaan met de vacaturestop en met het verbod op het aangaan van nieuwe verplichtingen. “Door de personeelsstop kunnen we mensen die met pensioen gaan bij de vleeskeuring niet vervangen, geen nieuwe meteorologen en geen mensen voor de luchtvaartinspectie, die nodig zijn in verband met de downgrading door de Federal Aviation Administration. En zelfs voor de aankoop van printerinkt is toestemming nodig”, zei Boersma. In overleg met het Cft is afgesproken dat hier soepel mee om wordt gegaan. Cft-secretaris Kees van Nieuwamerongen, die ook aanwezig was, bevestigde de afspraak. “Onze bedoeling was nooit een absolute stop. Wij hebben nu meegewerkt aan een oplossing en ik denk dat het probleem is opgelost. Er kunnen geen nieuwe verplichtingen worden aangegaan tenzij het echt noodzakelijk is voor de uitvoerende dienst”, zei hij. Daalder voegde daar aan toe dat minister Liesbeth Spies de aanwijzing op die manier interpreteert en dus akkoord gaat.

Voor Boersma is die erkenning juist een reden om de aanwijzing uit te stellen. “Er is sprake van een onwerkbare situatie. Er is bij het geven van de aanwijzing niet bedacht dat Curaçao op uitvoerend niveau veel taken heeft die in Nederland door gemeentes worden uitgevoerd. Er wordt niet één ministerie geraakt, maar het hele overheidsapparaat, zowel het beleidsmatige als het uitvoerende deel. Uiteindelijk zal het juist tot grotere tekorten leiden in plaats van een begrotingsevenwicht”, zei hij.

De uitspraak van de Raad van State wordt morgenmiddag om vier uur Nederlandse tijd gepubliceerd op de website van de organisatie.

Overvallen

De Curaçaose regering is enigszins overvallen door de aanwijzing. Althans door de vereisten die niet besproken werden met premier Gerrit Schotte en Gevolmachtigde Minister Sheldry Osepa tijdens de Rijksministerraad van 13 juli, maar die vervolgens wel in het Koninklijk Besluit over de aanwijzing stonden. “De ontwerpversie van dat Koninklijk Besluit was niet beschikbaar voor Curaçao, dus de regering kon ook niet reageren of de implicaties hiervan inschatten,’’ zei Douwe Boersma namens de Curaçaose regering.’’ De aanwijzing zou eigenlijk alleen betrekking hebben op de noodzaak om per 1 september een realistische dekking voor de uitgaven van de gezondheidszorg te hebben en een compensatie voor de meerjaren-tekorten, zoals ook door het CFT werd voorgesteld, zei hij. “De minister heeft vervolgens naar eigen inzicht, en niet gehinderd door enige kennis van het Curaçaos bestuur, daar allerlei zaken aan toegevoegd. De aanwijzing gaat daardoor veel verder en grijpt in op de autonome bevoegdheden van Curaçao.’’ De Rijksministerraad kent zich hierdoor ook meer bevoegdheden toe dan is toegestaan, zei hij. “De materiële invulling ligt bij het CFT en de Raad van Ministers kan dat advies alleen maar formaliseren.’’

Volgens Eric Daalder, advocaat voor de Rijksministerraad, kan de Curaçaose regering echter onmogelijk verrast zijn door de aanwijzing, omdat er al maandenlang uitvoering formeel en informeel overleg met het CFT plaatsvond. “Het maakt niet uit als die adviezen niet allemaal in de laatste brief van het CFT herhaald worden,’’ aldus Daalder.

Raad van State behandelt aanvraag uitstel aanwijzing Curaçao

ZATERDAG, 18 AUGUSTUS 2012

DEN HAAG — De Raad van State in Den Haag buigt zich aanstaande woensdagochtend over een verzoek van de Curaçaose regering om de aanwijzing door de Rijksministerraad op te schorten. Als de Raad van State het verzoek inwilligt, hoeft de begroting voor 2012 niet al per 1 september aan de voorwaarden van het College financieel toezicht (Cft) te voldoen.

Het bezwaar van de Curaçaose regering – dat eerder deze week door de gevolmachtigde minister Sheldry Osepa werd ingediend – bestaat uit twee delen, namelijk een inhoudelijk bezwaar tegen het aanwijzingsbesluit en een spoedprocedure voor een voorlopige voorziening, bevestigt een perswoordvoerder van de Raad van State: “Het gaat woensdag om de vraag om het aanwijzingsbesluit te schorsen voor de periode dat het beroep van Curaçao nog aanhangig is.”

Op 13 juli besloot de Rijksministerraad tot het geven van een aanwijzing omdat de begroting voor 2012 nog een tekort van zo’n 150 miljoen gulden vertoonde, terwijl de regering volgens de Rijkswet Financieel Toezicht moet zorgen voor evenwichtige begrotingen. Premier Gerrit Schotte maakte direct bekend dat de Curaçaose regering bezwaar zou aantekenen tegen de aanwijzing, omdat er volgens hem al volop maatregelen waren genomen om de begroting op orde te krijgen. Zowel Schotte als de Nederlandse premier Mark Rutte zei destijds dat het aantekenen van bezwaar geen opschortende werking had, maar de voorlopige voorziening biedt die mogelijkheid blijkbaar wel.

Vrijdag Rijksministerraad

De Curaçaose regering heeft om een spoedprocedure gevraagd, omdat aanstaande vrijdag de eerste Rijksministerraad na het zomerreces plaatsvindt. Tijdens die vergadering zal onder meer bekeken worden welke vorderingen de Curaçaose regering de afgelopen maand heeft gemaakt. Inmiddels is duidelijk dat het minister van Financiën George Jamaloodin (MFK) niet lukt om de tweede suppletoire begroting voor 2012 op tijd in te leveren en te voldoen aan de instructies in de aanwijzing.

Begroting Curaçao weer later

WOENSDAG 8 AUGUSTUS 2012, WILLEMSTAD – In een brief aan Statenvoorzitter Ivar Asjes (Pueblo Soberano) heeft demissionair minister George Jamaloodin (MFK) laten weten de suppletoire begroting 2012 niet op 15 augustus te kunnen aanbieden aan de  Staten.

Gouverneur test wetten en besluiten regering Curaçao

26 JULI 2012

WILLEMSTAD – Van nu af aan moet de ministerraad bijna alle (concept)wetten en (concept)regeringsbesluiten voorleggen aan gouverneur Frits Goedgedrag. De gouverneur zal deze vervolgens toetsen aan de aanwijzing van de Rijksministerraad.

 

 

Curacaose regering moet zich aan aanwijzing houden

DONDERDAG, 26 JULI 2012

WILLEMSTAD — Gouverneur Frits Goedgedrag wil niet voor onaangename situaties komen te staan waarbij hij concept-landsverordeningen, concept-landsbesluiten en concept-landsbesluiten houdende algemene maatregelen moet vernietigen of terugsturen naar de regering. Daarom vraagt de gouverneur de Raad van Ministers om rekening te houden met de aanwijzing, die op 13 juli door de Rijksministerraad is gegeven.

De brief van de gouverneur kan worden beschouwd als een dringende herinnering aan het adres van de regering aan de aanwijzing, om confrontaties met het Koninkrijk te vermijden. “Bij de concept-besluiten die mij ter vaststelling worden voorgelegd, mogen geen besluiten zitten tot het aangaan van nieuwe financiële verplichtingen door het bestuur en wel zolang dat volgens de aanwijzing niet is toegestaan”, schrijft de gouverneur in zijn brief van 25 juli aan de Raad van Ministers.

De gouverneur zal de besluiten toetsen aan de bepalingen van de aanwijzing. “Dat betekent in concreto onder meer, maar is hiertoe niet beperkt, dat per direct concept-(machtigings)landsbesluiten waarmee wordt beoogd personeel in tijdelijke of vaste dienst van het land Curaçao te nemen, aanstellingen te verlengen of werknemers in tijdelijke dienst een vast dienstverband aan te bieden, niet meer in behandeling genomen mogen worden. Hetzelfde geldt voor concept-landsbesluiten waarmee anderszins na 18 juli 2012 nieuwe (financiële) verplichtingen worden aangegaan”, aldus de gouverneur.

Middels de aanwijzing wordt Curaçao opgedragen een aantal maatregelen te nemen die ertoe leiden dat besparingen in de begroting worden gerealiseerd. In de aanwijzing is onder meer bepaald dat er uitgavenverlagende of inkomstenverhogende maatregelen moeten worden genomen, dat voorafgaand toezicht door de minister van Financiën dient te worden ingesteld en dat per 1 september een plan van aanpak om de vermogens van de overheids-nv’s op middellange termijn financieel gezond te maken moet zijn opgesteld en uitgevoerd, schrijft Goedgedrag.

Verder wijst hij er in zijn brief op dat het bestuur van Curaçao eveneens wordt opgedragen bepaalde besluiten niet te nemen, zolang de aanwijzing van kracht is. “In het bijzonder schrijft de aanwijzing bijvoorbeeld voor om daadwerkelijk een vacaturestop toe te passen en wordt een verbod gesteld op het aangaan van nieuwe verplichtingen zolang de begroting niet voldoet aan alle vereisten uit de Rijkswet Financieel Toezicht.”

Curaçaose ministeries moeten zes procent bezuinigen

DONDERDAG, 19 JULI 2012

WILLEMSTAD — Alle negen ministeries van het land Curaçao moeten zes procent gaan bezuinigen op hun begroting. Dit staat vermeld in een brief die twee weken geleden vanuit Financiën, naar alle ministeries is verstuurd. Dit bevestigt minister Carlos Trinidad (Bestuur, Planning en Dienstverlening, PS). Deze maatregel is bedoeld om de nodige ruimte op de begroting te creëren en om de efficiëntie binnen het overheidsapparaat te verhogen.

Het is niet voor het eerst dat de regering melding maakt van bezuinigingen over de gehele linie bij alle ministeries van het land Curaçao. Tijdens een persconferentie op 15 mei kondigden Financiën-minister George ‘Jorge’ Jamaloodin en premier Gerrit Schotte (MFK) een besluit van de ministerraad aan, om bij alle negen ministeries 2 procent te gaan bezuinigen. Volgens Jamaloodin zal deze besparing moeten worden opgebracht door verhoging van de efficiëntie, door zoveel mogelijk af te stappen van papier en gebruik te maken van digitalisering. Dit zal gepaard moeten gaan met een strikt personeelsbeleid. Jamaloodin verwachtte indertijd dat de bezuiniging van 2 procent in totaal 34 miljoen zal opleveren. Het is niet bekend hoeveel de besparingsronde van 6 procent zal moeten opleveren. Volgens Trinidad zal dit bedrag afhangen van wat per ministerie mogelijk is.

De besparingsmaatregel van 6 procent kwam net voor de Curaçaose regering een aanwijzing kreeg van de Rijksministerraad (RMR). Deze aanwijzing om de begroting van het land Curaçao op orde te krijgen, gaat er onder meer van uit dat er per 1 september een stappenplan op tafel moet liggen om het tekort op de begroting over 2010 en 2011, zo’n 98 miljoen, èn het tekort voor het niet doorgaan van de hervormingen in de gezondheidszorgsector en het dividendbeleid van de overheid, goed voor zo’n 55 miljoen, te kunnen dekken.

Dutch minister Spies warns Curaçao: We will use guarantee function

THURSDAY, 19 JULY 2012

THE HAGUE–The Kingdom Council of Ministers will be left no choice to deploy the guarantee function if the Curaçao Government does not execute the instruction that it got in The Hague last Friday to get its 2012 budget in order.
“In the unlikely event that the input by Curaçao of the necessary efforts and the consequent results fail to materialise, Curaçao will legally head for the only possibility to adjust within the Kingdom, namely the deployment of the guarantee function,” stated Dutch caretaker Minister of Home Affairs and Kingdom Relations Liesbeth Spies in a letter that she sent to the Second Chamber on Wednesday.

In the letter, Spies informs the Second Chamber of the background and reasoning of the Kingdom Council of Ministers to give the Schotte cabinet a formal instruction (aanwijzing) to balance its 2012 budget deficit of NAf. 55 million, and to compensate the losses from previous years amounting to NAf. 98 million. “It is up to Curaçao as an autonomous country to take the necessary measures and to not burden the Kingdom partners with the consequences of its handling,” stated Spies.

Spies hoped that Curaçao would be wise enough to avoid the deployment of the guarantee function as defined in the Kingdom Charter. “I assume that Curaçao will want to avoid a situation as such.” At a press conference following Friday’s Kingdom Council of Ministers, Spies did not want to specifically mention the guarantee function. At that time she spoke of ‘possibilities in the Charter.’

The Minister warned that the financial supervision would continue “unabated and vigilantly.” “Any diminishing of the supervision is out of the question. The Netherlands cannot accept the adverse consequences of the own choices of Curaçao,” she stated.

Pointing out that an unchanged policy would create an immense financial burden for the Curaçao people, Spies stated that it was important to make sure that Willemstad complied with the responsibilities under the Law on Financial Supervision for Curaçao and St. Maarten.

The Minister made clear that, in line with the wish of the Second Chamber, the Dutch Government will reject any possible request by Curaçao for additional financial assistance.

She said that Curaçao did “absolutely insufficient” to deal with its financial challenges of producing a balanced budget. According to her, Willemstad insufficiently recognised and acknowledged its financial problem. “It has repeatedly become clear that the direction and commitment of the Curaçao Government was insufficient to take the necessary steps to deal with the budgetary problem.”

Spies stated that Curaçao seemed determined to stick to a financial policy that will lead to “an accumulation of structural problems” for Curaçao. “Suffice to say that this is not good for the relations in the Kingdom. But more importantly, the people of Curaçao will ultimately pay the price for this because the facilities will come under pressure because of bad financial management.”

The Minister hoped that the Curaçao Government would assume its responsibility with the instruction and that it would adequately execute the required measures. She also hoped that Willemstad would find its own strength to realise sound financial practice whereby the financial balance “for now and for later” would be guaranteed.
The instruction of the Kingdom Council of Ministers went into effect in the form of a Royal Decree dated July 18. The decree was sent to Curaçao Prime Minister Gerrit Schotte the same day, Wednesday. Copies also went to the Curaçao Parliament, Curaçao Finance Minister George Jamaloodin and Curaçao Governor Frits Goedgedrag.

19 JULI 2012

Aanwijzing Rijksministerraad vertraging voor nieuw ziekenhuis Curaçao

16 JULI 2012

WILLEMSTAD – Het lijkt erop dat de aanwijzing voor Curaçao zoals gegeven door de Rijksministerraad in Nederland een vertraging zal opleveren van het tot nu tot voortvarende proces van het traject van Nos Hospital Nobo (NHN).

Aanwijzing door Rijksministerraad over begroting Curaçao een feit

VRIJDAG, 13 JULI 2012

DEN HAAG — De Curaçaose regering moet uiterlijk 1 september de begroting op orde hebben, mag voorlopig geen nieuwe leningen afsluiten – inclusief de lening van UTS en voor een nieuw ziekenhuis – en moet vanaf nu elke maand het College financieel toezicht (Cft) inzage geven in haar boeken.

Dat is het gevolg van het besluit van de Rijksministerraad om een aanwijzing aan de Curaçaose regering te geven. De aanwijzing geldt met onmiddellijke ingang en tot het moment dat het Cft weer vertrouwen heeft in de begroting en de Rijksministerraad de maatregel opheft.

Premier Gerrit Schotte gaf meteen na afloop aan dat de aanwijzing volgens de Curaçaose regering niet nodig is, omdat er al maatregelen genomen worden die bovendien door de Sociaal Economische Raad en de Raad van Advies worden beoordeeld, zodat het verzoek om een aanwijzing eigenlijk overbodig is. “We doen al wat het Cft zegt, dus voor ons was het niet nodig, maar de Rijksministerraad vond dat het wel een teken zou zijn. Een steun in de rug. Maar we tekenen bezwaar aan bij de Raad van State”, aldus Schotte. Zowel Schotte als de Nederlandse premier Mark Rutte gaf echter aan dat dit geen opschortende werking heeft, zodat de aanwijzing gewoon van kracht is.

Premier Rutte omschreef de aanwijzing als een zwaar middel, maar benadrukte dat de Curaçaose regering de afgelopen maanden en ook tijdens de bijeenkomst van vandaag voldoende ruimte heeft gehad om het Cft en de Rijksministerraad ervan te overtuigen dat de begrotingsmaatregelen afdoende waren. “De beslissing voor een aanwijzing is niet licht en ook niet lichtvaardig genomen, maar ondanks alle inspanningen van het Cft heeft Curaçao op dit moment nog steeds geen sluitende begroting voor 2012 en dat is een ernstig feit”, aldus Rutte. “Het is in het belang van de bevolking van Curaçao dat deze situatie zo snel mogelijk verandert, want het gaat immers om hun toekomst.”

Indringend

Minister Liesbeth Spies omschreef de besprekingen van vandaag als ‘een indringende discussie’. Het tekort bestaat uit 98 miljoen gulden voor de dekking van tekorten uit voorgaande jaren en 55 miljoen die nodig is voor de basisverzekering voor de gezondheidszorg en de wijziging van het dividendbeleid, zei Spies. “De plannen bestaan nog steeds uit plannen en niet uit harde besluiten of begrotingswijzigingen. (…) Het is aan de regering van Curaçao om voor 1 september additionele dekking te presenteren voor die 55 miljoen en die 98 miljoen te compenseren. Daarnaast zal de aanwijzing ook betekenen dat de regering van Curaçao geen nieuwe leningen meer mag afsluiten zolang de begroting niet in evenwicht is. Voor de beoogde lening voor de bouw van een nieuw ziekenhuis komt daar nog bij dat die alleen mag worden aangegaan als de hervorming van de gezondheidszorg geëffectueerd is en de sluitende exploitatie van dat ziekenhuis kan worden gegarandeerd”, aldus Spies.

Andere maatregelen zijn dat het Cft maandelijks inzage krijgt in de overheidsfinanciën, dat alle uitgaven door de regering goedgekeurd moeten worden door de Curaçaose minister van Financiën George Jamaloodin en dat de begroting tijdens de eerste en alle daaropvolgende Rijksministerraden zal worden besproken. “In afstemming met het Cft zullen dan eventuele maatregelen getroffen kunnen worden, mocht daartoe aanleiding zijn.”

Hoewel Spies herhaaldelijk de vraag kreeg welke maatregelen er genomen konden worden als de Curaçaose regering zijn begroting niet sluitend krijgt, gaf zij hier geen concreet antwoord op. “We rekenen erop dat het land Curaçao, dat de autonomie terecht hoog in het vaandel heeft en de verantwoordelijkheid voor de bevolking serieus invulling wil geven, nu conform deze aanwijzing aan de slag gaat. We hopen dat de ambities, die minister-president Schotte ook in de Rijksministerraad nadrukkelijk heeft uitgesproken, snel zullen worden verzilverd.”

Zowel Rutte als Spies benadrukt dat de aanwijzing in lijn is met de afspraken, die gemaakt zijn tijdens de onderhandelingen over de ontmanteling van de Nederlandse Antillen en de overname van de toenmalige schulden. De verhouding tussen de afzonderlijke landen wordt wat hen betreft niet slechter.

Schorsing

De bijeenkomst van de Rijksministerraad was buitengewoon lang. Op verzoek van premier Gerrit Schotte en de gevolmachtigde minister Sheldry Osepa werd de vergadering zelfs enige tijd geschorst, omdat zij zich bleven verzetten tegen de aanwijzing. Zoals het Statuut van het Koninkrijk voorschrijft, werd de vergadering vervolgens onder voorzitterschap van premier Rutte voortgezet in een kleiner gezelschap van Schotte, Osepa en twee Nederlandse ministers, te weten minister Spies en minister van Financiën Jan Kees de Jager, waarna stemming over de aanwijzing plaatsvond en de stem van Rutte doorslaggevend was.

Schotte reageerde verbaasd op de vraag van een Nederlandse journaliste of hij ook met PS-partijleider Helmin Wiels zou moeten overleggen, waarna hij aangaf dat een overleg in een kleiner verband nuttig was om nogmaals uitleg te geven over de maatregelen die Curaçao al genomen heeft. Uiteindelijk bleek die uitleg niet voldoende om de aanwijzing tegen te houden.

Curaçaose premier Schotte: Advies Cft om in te grijpen is te vroeg

11 JULI 2012

WILLEMSTAD – Het advies van het College financieel toezicht aan de Rijksministerraad in Den Haag tot het geven van een aanwijzing aan Curacao is overbodig, meent premier Gerrit Schotte.

Cft adviseert Rijksministerraad tot het geven van een aanwijzing aan Curaçao

Persbericht Cft:

10 juli 2012

Willemstad – Het College financieel toezicht (Cft) heeft vandaag, dinsdag 10 juli, de Rijksministerraad geadviseerd tot het geven van een aanwijzing aan Curaçao om de begroting 2012 weer in overeenstemming te brengen met de normen van de Rijkswet.

Dit advies is gebaseerd op een reactie van het bestuur op het advies van het Cft van 29 juni, die het College vrijdag 6 juli heeft ontvangen.

 

DINSDAG, 10 JULI 2012

WILLEMSTAD — Het College financieel toezicht (Cft) heeft vandaag de Rijksministerraad geadviseerd tot het geven van een aanwijzing aan Curaçao om de begroting 2012 weer in overeenstemming te brengen met de normen van de Rijkswet.

Dit omdat ‘ondanks de adviezen van het Cft aan het bestuur van Curaçao naar het oordeel van het Cft sprake is gebleven van een begroting die niet voldoet aan de normen van artikel 15 van de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en St. Maarten’.

Het advies om een aanwijzing te geven, waarvan vandaag ook de Staten van Curaçao op de hoogte zijn gesteld, is gebaseerd op de reactie van de Curaçaose regering op het advies van het Cft van 29 juni, die het College vrijdag 6 juli heeft ontvangen.

Voor een aanwijzing wordt gegeven moet de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Liesbeth Spies, de Curaçaose regering in de gelegenheid stellen om haar visie te geven, zo is in artikel 13 van de Rijkswet geregeld.

Een aanwijzing moet op voordracht van Spies gedaan worden in overeenstemming met de conclusie van de Raad van Ministers van het Koninkrijk. Aanstaande vrijdag wordt er een extra ingelaste Rijksministerraad gehouden, waarvoor de premiers van Curaçao, Aruba en St. Maarten zijn uitgenodigd.

In de reactie van 6 juli, die in het bezit is van de Amigoe, stelt de minister van Financiën, George ‘Jorge’ Jamaloodin, vast te houden aan de voorgenomen ombuigingsmaatregelen en geen aanleiding te zien om daar nieuwe maatregelen voor in de plaats te nemen.

De minister deelt verder de mening van het Cft niet dat het compenseren van tekorten middels het inzetten van reserves geen maatregel is ter compensatie. Het inzetten van reserves voor het dekken van tekorten stuit niet op juridische bezwaren in de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en St. Maarten, aldus Jamaloodin.

Het Cft adviseerde in de brief van 29 juni Curaçao om een additionele dekking van 55 miljoen gulden te presenteren om de begroting 2012 sluitend te maken en om te compenseren voor de tekorten uit de voorgaande jaren (98 miljoen gulden).

Dividendbeleid

Het Cft stelde in zijn brief er niet van overtuigd te zijn dat de begrote 25 miljoen gulden voor 2012 gerealiseerd zal worden, ongeacht of daar dividend- of concessiebeleid aan ten grondslag ligt. Dit bedrag is zelden tot nooit in enig begrotingsjaar gerealiseerd, stelt het College. Ook wordt er niet genoeg rekening gehouden met ‘significante risico’s’ ten aanzien van overheidsbedrijven.

Jamaloodin reageert dat al de helft van de beoogde opbrengst is gerealiseerd (11,7 miljoen gulden overwaarde aandelen UTS en 1,25 miljoen dividenduitkering CAH) en dat een oude openstaande opbrengstpost voor een bedrag van circa 4,2 miljoen gulden ingezet zal worden om deze opbrengst te realiseren. “Het restantbedrag van 6,7 miljoen gulden wordt tot eind van het jaar gerealiseerd met toepassing van balansnormering bij de Stichting OAB, het Bureau Telecom en Post, het Bureau Intellectuele Eigendommen en de Stichting Kadaster.”

Het Cft keurt verder af dat UTS een lening aangaat om dividend te kunnen uitkeren. “Dividenduitkeringen vinden doorgaans plaats uit vrije reserves en betaling uit liquide middelen.” De minister vraagt op zijn beurt op welk artikel in de Rijkswet financieel toezicht deze afkeuring is gebaseerd.

Gezondheidszorg

Het Cft meent niet te kunnen instemmen met het aangaan van een lening voor de bouw van een nieuw ziekenhuis, zolang de maatregelen in de gezondheidszorg feitelijk niet zijn doorgevoerd. De regering is het er niet mee eens dat tariefindexering tot premieverhoging, en daarmee tot hogere kosten zal leiden, wat verwerkt moet worden in de begroting. “Het ziekenhuis zal conform de opzet zichzelf terugbetalen”, aldus de regering.

Het Cft sprak in zijn meest recente brief uit dat ‘gezien de ervaringen tot nu toe er onvoldoende vertrouwen is dat de maatregelen nog dit jaar in uitvoering genomen kunnen worden en nog dit jaar tot de geraamde besparingen leiden’, en adviseerde daarom een alternatieve dekking aan te brengen van 30 miljoen gulden tot het einde van het jaar.

Naar mening van het kabinet bood de alternatieve dekking van 27 miljoen gulden, zoals in een eerdere brief van 22 juni, naast de invoer van de basisverzekering per 1 september, waarvan de regering blijft vasthouden dat deze haalbaar is, voldoende garanties. “Bij mij rijst overigens nog steeds de vraag hoe alternatieve maatregelen wel de toets van het College financieel toezicht zouden doorstaan”, vraagt Jamaloodin zich af, die de aanbevelingen ook in strijd met de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en St. Maarten acht.

Rijksministerraad besluit deze week over eventuele aanwijzing begroting Curaçao

DINSDAG, 03 JULI 2012

DEN HAAG — De Rijksministerraad zal nog deze week een besluit nemen met betrekking tot de financiële situatie op Curaçao. Minister Liesbeth Spies van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties schrijft dat in het verslag van haar werkbezoek aan het Caribisch gebied.

“Na velerlei manieren van signaleren, adviezen en overleg in de afgelopen periode door met name het College financieel toezicht (Cft) zal bij niet tijdige of onvoldoende adequate reactie van de zijde van de regering van Curaçao de situatie kunnen ontstaan dat het Cft een verzoek aan de Rijksministerraad doet tot het geven van een aanwijzing. De Rijksministerraad zal – als toezichthouder – op dat verzoek dan een beslissing nemen. Ik ga ervan uit dat daarover nog besluitvorming voor het zomerreces plaatsvindt”, aldus Spies. Het zomerreces van de Tweede Kamer begint officieel aanstaande vrijdag.

Spies gaat in haar verslag ook kort in op de inmenging van Justitie-minister Elmer ‘Kadè’ Wilsoe in de zaak Bientu, waarover ze zowel met Wilsoe als met premier Gerrit Schotte sprak. “Ik (heb) aangegeven dat de situatie met betrekking tot dit dossier uiterst precair is en inmiddels de verantwoordelijkheid van het Koninkrijk raakt wat betreft deugdelijkheid van bestuur en rechtszekerheid voor de burger. Ik heb daarbij vooral geduid op de interventie van de minister van Justitie in de lopende strafzaak Bientu, het zich wenden tot de autoriteiten van de VS om een eerder door het Openbaar Ministerie gedaan rechtshulpverzoek ongedaan te maken en de algemene opdracht aan de procureur-generaal om te stoppen met het onderzoek. Ik heb moeten constateren dat de standpunt- en meningsverschillen tijdens het gesprek niet konden worden bijgelegd”, schrijft ze en verwijst vervolgens naar het feit dat de kwestie ook tijdens het Justitieel Vierpartijen Overleg nogmaals aan de orde is gekomen.

Spies sprak verder met Schotte over het onderzoek van Transparency International naar de mogelijkheden om de kwaliteit van bestuur te verbeteren en schrijft dat het eindrapport eind november klaar zal zijn.

Harde kritiek op suppletoire begroting 2012

DINSDAG, 03 JULI 2012

WILLEMSTAD — De kritiek van de Staten op de eerste suppletoire begroting van het land Curaçao was afgelopen week niet mals. Verschillende fracties waren niet te spreken over de begroting, die Financiën-minister George ‘Jorge’ Jamaloodin (MFK) naar de Staten had gestuurd. Zo omschreef PAR-Statenlid Pedro Atacho die als ‘een vodje dat aan alle kanten rammelde’.

Over de suppletoire begroting is in de afgelopen periode veel te doen geweest. Het stuk werd te laat bij de Staten ingediend en zowel de Raad van Advies als het College financieel toezicht (Cft) heeft zich er negatief over uitgelaten. De manier waarop de regering, en met name Jamaloodin, met de begroting is omgesprongen was onlangs aanleiding voor een Statenmeerderheid om een motie van afkeuring tegen de minister aan te nemen.

Tijdens het debat in de Centrale Commissie-vergadering van de Staten eerder deze week kreeg de minister weer veel kritiek te verduren. Atacho had vragen over de 18 miljoen gulden voor gratis onderwijs, de toezegging van de regering om het ouderdomspensioen tot 1000 gulden per maand te verhogen en de investering vereist voor de beveiliging van toeristische centra door het bewakingskorps. Hij wilde van de regering weten waar dit allemaal in de begroting terug te vinden was.

Ook vroeg het PAR-Statenlid zich af waarom de regering vasthoudt aan de implementatie van maatregelen in de gezondheidszorg per 1 september, terwijl nu al duidelijk is dat deze maatregelen – die nu nog bij de verschillende adviesorganen liggen – niet in twee maanden ingevoerd zullen kunnen worden.

Maar Atacho was niet de enige die kritiek had op de begroting. Ook PNP’er Humphrey Davelaar liet zich in harde bewoordingen uit. Hij merkte op dat de regering in gebreke was gebleven tegenover de Staten, door het te laat opsturen van de suppletoire begroting. Ook was hij niet te spreken over het feit dat er volgens de Financiën-minister in eerste instantie sprake zou zijn van een surplus, maar er nu grote tekorten waren. Hij hekelde verder het gebrek aan beleid in de begroting en vroeg zich ook af of het parlement de door de regering opgegeven cijfers nog wel kon vertrouwen. Aan het eind van zijn interventie in de Staten was Davelaar zo boos, dat hij zich afvroeg of de regering hem en de andere Statenleden voor kinderen in een krèsh of kleuterschool aanzag.

Ook Amerigo Thodé van regeringspartij MFK voerde het woord. In zijn betoog stond hij stil bij de oorzaken van de huidige financiële situatie. Deze moesten volgens hem worden gezocht in het beleid van de vorige (PAR-)regering, die had nagelaten om onder meer maatregelen in de sector volksgezondheid te nemen.

< Vorige Volgende >

RMR deelt zorgen Cft om Curaçao

31 MAART 2012

WILLEMSTAD/DEN HAAG – De Rijksministerraad (RMR) deelt de zorgen die het College financieel toezicht (Cft) heeft geuit over de financiële positie van de overheids-nv’s op Curaçao.